ABR-Zorgnetwerk gaat van start

20 april 2017

Antibioticaresistentie (ABR) is een wereldwijd probleem waar de WHO zelfs een actieplan voor heeft. Maar de aanpak is ook een regionale uitdaging. Op dit moment is er behoefte aan verbetering van de samenwerking tussen betrokken partijen in de regio om ABR goed te kunnen bestrijden.

Antibiotica zijn nodig voor het bestrijden en voorkomen van bacteriële infecties. Resistentie tegen antibiotica wordt gezien als een van de belangrijkste bedreigingen van de volksgezondheid. Door de toename van antibioticaresistentie ontstaan steeds vaker infecties die moeilijker of in sommige gevallen helemaal niet meer behandeld kunnen worden. Het is daarom van groot belang om antibioticaresistentie te voorkomen en als het zich aandient te bestrijden. De Minister van Volksgezondheid heeft het initiatief genomen tot een landelijk actieplan antibioticaresistentie. Voor de uitvoering ervan heeft ze de opdracht gegeven om landelijk 10 regionale zorgnetwerken te ontwikkelen. In de provincies Noord-Holland en Flevoland zijn twee zorgnetwerken voorzien.

Wat wil VWS met alle zorgpartners bereiken?

Partijen uit de zorg en het Ministerie van VWS hebben gezamenlijk in een convenant met 6 concrete doelstellingen, de volgende missie geformuleerd: “Vermijdbare schade aan en sterfte van patiënten door infecties door resistente bacteriën moet zo veel mogelijk voorkomen worden. Daartoe moet de verdere ontwikkeling en verspreiding van (multi)resistentie zo veel mogelijk worden beheerst, zodat ook in de toekomst effectieve behandeling van infecties met antibiotica mogelijk blijft.”

Hoe wordt de aanpak georganiseerd?

In de kamerbrief van 7 juli 2016 schrijft de minister van VWS dat er voor de uitwerking van de landelijke aanpak regionale zorgnetwerken moeten komen. Het daadwerkelijke verschil wordt immers gemaakt door alle instellingen en zorgprofessionals betrokken bij behandeling, zorg en de publieke gezondheid. Uitgangspunt voor de regionale zorgnetwerken is de geografische indeling van de ROAZ-regio’s (= Regionaal overleg Acute Zorg). Landelijk worden zo 10 ABR zorgnetwerken gevormd. Het ROAZ is een wettelijk verplicht afstemmingsoverleg van de traumacentra met alle betrokken ketenpartners in de acute zorg. Specifiek voor de regionale zorgnetwerken ABR komt een aparte structuur die de intensieve samenwerking tussen de curatieve zorg, de thuiszorg, de langdurige zorg en de GGD-en vastlegt. Taken en verantwoordelijkheden van het regionale netwerk zijn aanvullend op en sluiten aan bij de eigen verantwoordelijkheid van zowel de betrokken professionals als de individuele zorginstellingen. Voor het inrichten van deze zorgnetwerken wordt vanuit VWS een projectsubsidie beschikbaar gesteld.

Alle 10 zorgnetwerken zijn uitgenodigd voor 1 mei a.s. een aanvraag in te dienen voor de projectsubsidie gericht op het zogenaamde basispakket (= benoemde resultaten in figuur ABR programma).

Wat gebeurt er op dit moment in  onze regio’s rondom de zorgnetwerken?

In de provincie NoordHolland/Flevoland zijn twee universitaire centra en twee ROAZ regio’s (VUmc en AMC). In afstemming met de ROAZ directeuren, de zes GGD’en, en vertegenwoordigers van de universitaire centra is een ontwikkelplan opgesteld om te komen tot twee zorgnetwerken ABR met één gezamenlijke stuurgroep en twee regionale coördinatie teams die invulling geven aan het door VWS goedgekeurde projectplan van GGD GHOR Nederland en LNAZ.

Waarom één stuurgroep voor de twee regionale zorgnetwerken in Noord-Holland en Flevoland?

Er is intensief verkeer van patiënten over de grenzen van de twee ROAZ-regio’s in Noord-Holland en Flevoland. Vanuit het risico op verspreiding van antibioticaresistentie is er dus geen inhoudelijk te beargumenteren grens te trekken in ons gebied. Bovendien zijn diverse ziekenhuizen en instellingen voor langdurige zorg gepositioneerd in allebei de ROAZ-regio’s, en dragen grensoverstijgende bestuurlijke verantwoordelijkheid. Dit vraagt om een goed afgestemde aanpak in de bestrijding van antibioticaresistentie. Om dit te waarborgen is er voor gekozen om voor beide regio’s één gezamenlijke stuurgroep in te stellen. Vanwege de complexiteit van een fors aantal te betrekken instellingen en de geografische uitgestrektheid van het gebied wordt de concrete uitvoering van de gemeenschappelijke aanpak echter handen en voeten gegeven door twee regionale coördinatieteams (RCT’s). Zij zullen gaan werken vanuit het principe ‘uniform waar het kan en locaal op maat waar dat moet’. Op dit moment wordt de stuurgroep uitgebreid met vertegenwoordigers van de ouderengeneeskunde/ langdurige zorg, de eerstelijns zorg, de infectiologie en de medische microbiologie.

Wat gaan de regionale coördinatieteams doen?

In de te vormen regionaal coördinatieteams zijn sleutelfunctionarissen actief die samen met alle betrokkenen globaal de volgende taken zullen uitvoeren:

  • netwerk en organisaties in beeld brengen
  • informeren, kennen en betrekken van alle relevante ketenpartners
  • verhogen bewustzijn in alle domeinen (cure, care en publieke gezondheid)
  • invullen regionaal risicoprofiel, en uitgangspositie resistentie, antibioticagebruik en praktijk van infectiepreventie en antibiotic stewardship
  • patiëntstromen in kaart brengen
  • opzetten regionaal signaleringsoverleg voor clusters en uitzonderlijk dragerschap van bijzonder resistente bacteriën
  • delen van informatie over voorkomende clusters van patiënten met bijzonder resistente bacteriën
  • maken transmurale werkafspraken
  • meten antibioticagebruik en van voorkomen van bijzonder resistente bacteriën in langdurige zorg
  • opstellen preventie en beheersplan voor de regio
  • bevordering scholing/onderwijs personeel

Een overzicht van de doelen en op te leveren resultaten staat in het onderstaande ABR programma. De beoogde startdatum voor de zorgnetwerken is 1 mei 2017. Momenteel wordt via oproepen in bestaande overleggremia en netwerken geworven voor de invulling van de verschillende kernfunctionarissen in de regionale coördinatie teams.

Wil je meer weten of kenbaar maken actief te willen meedoen?

Wil je meer weten of kenbaar maken actief te willen meedoen? Voor meer informatie over het Regionaal netwerk aanpak antibiotica-resistentie in uw regio, neem dan contact op met: Dr. Yvonne van Duijnhoven, hoofd Infectieziekten, GGD Amsterdam (yvduijnhoven@ggd.amsterdam.nl), of Prof. Dr. Christina Vandenbroucke-Grauls, hoofd Medische microbiologie VUmc (vandenbrouckegrauls@vumc.nl).

Wilt u de nieuwsbrief ontvangen over de regionale aanpak van antibioticaresistentie? Mail dan naar nieuwsbrief@vrk.nl

0 reacties
Reacties

Nog geen reacties.

Reageer

Reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *