Aanslagen maken grote indruk op hulpverleners: ‘Je weet niet wat je overkomt’

8 september 2016

Hulpverleners die aan het werk waren tijdens de aanslagen in Brussel en Parijs, vertelden Nederlandse collega’s in Den Haag vandaag wat ze kunnen verwachten na zo’n terreurdaad. “Je weet niet wat je overkomt”, zegt de Franse arts Youri Yordanov. “Ik voelde een soort verdoving.”

Yordanov werkte op de eerstehulpafdeling van het Parijse ziekenhuis Saint Antoine toen in de concertzaal Bataclan schoten klonken. Tegelijkertijd werden op twee andere plekken aanslagen gepleegd, op een paar honderd meter van het ziekenhuis.

‘Iets heel ergs’

“Het eerste slachtoffer dat binnenkwam, was een vrouw”, herinnert Yordanov zich. “Ik wist niet wat er was gebeurd, maar ze had kogels in haar lichaam. Dat zien we niet vaak in Parijs, we vroegen direct wat er was gebeurd. ‘Iets heel ergs’, werd gezegd. Meer kregen we niet te horen. En we konden er ook niet naar vragen, want binnen vijf minuten hadden we nóg drie slachtoffers.”

Je bent verstomd op zo’n moment, zegt Yordanov. “Niet uit angst, maar ik voelde een soort verdoving. Je weet even niet wat je overkomt. Maar ik dacht al heel snel: we moeten deze mensen behandelen. Dat kunnen we. Daar zijn we voor opgeleid.”

45 slachtoffers

Als meest ervaren arts kreeg hij de leiding over de teams van medici, verpleegkundigen en andere hulpverleners, die in korte tijd 45 slachtoffers onder ogen zouden krijgen. “Je hebt maar één doel voor ogen: die mensen behandelen. We hadden geen tijd, er was niet de luxe om aan iets anders te denken.”

De slachtoffers werden vaak binnengebracht door vrienden of collega’s, maar soms ook door wildvreemden. “Die reageerden vaak heel goed. Iedereen bleef kalm, ondanks alle hectiek. Ze luisterden naar ons als we zeiden: blijf rustig, ga daarginds maar even wachten, wij helpen.”

Volgorde bepalen

Zijn mensen kwamen soms voor ingrijpende keuzes te staan, zegt Yordanov. “Bij operaties moet je een volgorde bepalen. Sommige ingrepen konden worden uitgesteld. Maar iedereen heeft direct een arts gezien, bloed toegediend gekregen als dat nodig was, pijnbestrijding gekregen.”

Na de aanslag op het satirische tijdschrift Charlie Hebdo, tien maanden eerder, hadden de artsen extra training gekregen van militaire collega’s. Die hadden hen op het hart gebonden dat een operatie niet meteen perfect hoefde te zijn. “Opereer. Zorg dat de toestand niet ernstiger wordt. Opereer de volgende. En als de rust terug is, kun je weer teruggaan naar patiënt nummer 1 en de dingen doen die je graag beter had willen doen.”

Schade beperken

Dat brengt risico’s met zich mee, erkent hij. “Maar je kunt op zo’n moment niet anders. Je probeert de schade zo veel mogelijk te beperken, je doet voortdurend aan damage control. Dat we dit hadden geleerd, hielp ons. En dat is ook een belangrijke les die ik mijn collega’s hier in Nederland kan meegeven. Bereid je voor.”

Uit de nasleep van de aanslagen zijn hem ook bijzondere dingen bijgebleven. “Er zit een Starbucks naast ons ziekenhuis en die bracht ons de dagen na de aanslagen gratis koffie en lekkere broodjes. Dat is misschien een klein gebaar, maar dat voelde zó goed.”

Praten met collega’s

In de nacht na de aanslag ‘heb je geen tijd om jezelf vragen te stellen’, zegt Yordanov. “Maar de periode erna ga je erover praten met collega’s. En dan dringt pas echt tot je door wat er is gebeurd.”

Bron: RTLnieuws

Deel bericht: